Met ingang van 1 januari 2016 verandert de opbouw van de WW. De eerste 10 jaar van een werkzaam leven wordt dan voor elk jaar een maand WW-uitkering opgebouwd en daarna voor elk jaar een halve maand WW. Deze wijziging in de opbouw gaat in per 1 januari 2016, waarbij dus voor elk jaar arbeidsverleden vóór 2016, nog 1 volle maand WW wordt toegekend. Zo wordt de duur per medio 2019 teruggebracht van maximaal 38 naar maximaal 24 maanden. In de tussenliggende periode van 1 januari 2016 tot medio 2019 wordt de WW-uitkering elk kwartaal met een maand verkort.

In dit geval zou er 31 jaar arbeidsverleden zijn op 1 januari 2016, plus een half jaar voor de periode tot 1 januari 2017, dus is de WW-aanspraak op 1 januari 2017 totaal 31,5 maand. Gelet op de afbouwregeling is de maximumuitkering op 1 januari 2017 overigens 38 - 4 maanden ( 1 maand per kwartaal) = 34 maanden.