Blog

Aan huis verbonden beroep of bedrijf, wel of niet een omgevingsvergunning aanvragen?

Aan huis verbonden beroep of bedrijf, wel of niet een omgevingsvergunning aanvragen?

05-07-2018

Wie in het café, bij de slijter of de supermarkt een biertje koopt, kan tegenwoordig kiezen uit diverse soorten bier. De brouwerijen zijn de afgelopen jaren als paddenstoelen uit de grond geschoten. Op 27 juni 2018 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) een uitspraak gedaan in een zaak rondom een ambachtelijke bierbrouwerij aan huis (ECLI:NL:RVS:2018:2125).

Deel dit artikel

Naar het overzicht

In een notendop. De betrokken brouwer vroeg eind 2015 bij de gemeente Heemskerk keurig een omgevingsvergunning aan. De gemeente weigerde de vergunning wegens strijd met het bestemmingsplan. Ten onrechte blijkt uit de uitspraak van de Afdeling. De gemeente had de omgevingsvergunning moeten weigeren, omdat er geen strijd met het bestemmingsplan was. De brouwer had, achteraf bezien, geen omgevingsvergunning nodig. De brouwer wist dat kennelijk niet en maakte bezwaar tegen de weigering.
Nadat de aanvraag was ingediend, werd het bestemmingsplan gewijzigd. In het nieuwe bestemmingsplan was een bierbrouwerij aan huis niet toegestaan, en in 2016 gebruikt de gemeente dat bestemmingsplan om de weigering in de beslissing op bezwaar te bevestigen. Volgens de Afdeling mocht de gemeente in de bezwaarfase aan het nieuwe bestemmingsplan toetsen.
De brouwer staat uiteindelijk met lege handen. Iets wat hij eind 2015 mocht zonder vergunning, mag hij in 2016 niet meer. Een bijzondere uitkomst. In deze blog ga ik er wat dieper op in.

Waaraan moet in de bezwaarfase worden getoetst? Oud of nieuw recht?

Indien bezwaar wordt gemaakt tegen een besluit dan kunnen de regels sinds de aanvraag, maar voordat wordt beslist op een bezwaarschrift, zijn veranderd. Moeten in de beslissing op bezwaar de nieuwe of de oude regels (het recht) in acht worden genomen?

Als hoofdregel geldt dat het recht bij de heroverweging in bezwaar moet worden toegepast zoals dat op dat moment geldt. In beginsel moet naar de nieuwe regels worden gekeken, en hierop kan slechts onder bijzondere omstandigheden een uitzondering worden gemaakt. Dat is vaste rechtspraak van de Afdeling.

Is de wijziging van een bestemmingsplan waarbij een ambachtelijke bierbrouwerij aan huis onder het oude bestemmingsplan is toegestaan, maar onder het nieuwe bestemmingsplan niet, zo’n uitzondering? In de Heemskerkse zaak die heeft geleid tot de uitspraak van 27 juni 2018 oordeelt de Afdeling van niet.

Waarom niet, en wat betekent dit voor de betrokken bierbrouwer? En welke les kan hieruit worden getrokken?

Bierbrouwerij, een aan huis verbonden bedrijf?

In veel bestemmingsplannen staat dat een woning deels (vaak 30 procent van het vloeroppervlak met een maximum van bijvoorbeeld 50 m2) mag worden gebruikt voor een aan huis verbonden beroep of bedrijf. Iedereen kent ze wel: de kapper, de pedicure, de advocaat, de belastingadviseur, of de loodgieter die vanuit zijn of haar huis - meestal een omgebouwde garage - werkt. Kunnen we een ambachtelijke bierbrouwer(ij) onder deze categorie scharen?

In de Heemskerkse zaak kon een ambachtelijke bierbrouwerij op grond van het oude bestemmingsplan, dat van kracht was ten tijde van de aanvraag, aangemerkt worden als een aan huis verbonden bedrijf. Het viel binnen de omschrijving van het desbetreffende planvoorschrift.

Op grond van het nieuwe bestemmingsplan, dat ten tijde van de beslissing op bezwaar gold, kon dat weer niet. Het was voor de bierbrouwer daarom van belang dat de regels van het oude bestemmingsplan van toepassing zouden zijn in de bezwaarfase. Dat er een uitzondering op de hoofdregel zou worden gemaakt.

Waarom geen uitzondering op de hoofdregel?

Op het moment dat de ambachtelijke bierbrouwer zijn aanvraag voor een gebruiksomgevingsvergunning indiende, was er al een ontwerp voor een nieuw bestemmingsplan ter inzage gelegd. Met dat ontwerp bestemmingsplan was de aanvraag in strijd. Kennelijk is dat een belangrijk gegeven voor de Afdeling.

De rechtspraak waarbij voor een bouwomgevingsvergunning wel een uitzondering wordt gemaakt op de hoofdregel, is in dit geval niet van toepassing, aldus de Afdeling, omdat de aanvraag voor een gebruiksomgevingsvergunning op het moment van indiening de brouwer geen vergunning kon opleveren. Hij had namelijk geen vergunning nodig. De aanvraag had om die specifieke reden afgewezen moeten worden. De gemeente had de brouwer moeten meedelen: “We wijzen uw aanvraag af, omdat het hebben van een brouwerij past binnen het bestemmingsplan en niet vergunningplichtig is.”. De aanvraag had dus onder het oude bestemmingsplan, aldus de Afdeling, altijd tot een afwijzing geleid. De brouwer had geen vergunning gekregen.

De uitkomst van deze zaak is toch wel zuur voor de brouwer, want hij had onder het oude bestemmingsplan gewoon kunnen beginnen met zijn bedrijf. Hij had weliswaar “ten onrechte” een omgevingsvergunning aangevraagd, maar dat heeft de gemeente niet onderkend.
De gemeente heeft de aanvraag om de verkeerde reden - strijd met het bestemmingsplan - geweigerd, maar die verkeerde inschatting pakt juist gunstig uit voor de gemeente. Het heeft uiteindelijk tot gevolg dat een ambachtelijke brouwerij, die op grond het oude bestemmingsplan kon worden gevestigd in een deel van de woning, er niet komt c.q. kan komen. De betrokken brouwer blijft met een spreekwoordelijke kater achter.

Welke les kunnen we trekken?

De brouwer had zich vooraf moeten c.q. kunnen laten adviseren door een ter zake deskundige, advocaat of jurist omgevingsrecht. Die had hem waarschijnlijk meegedeeld dat hij in zijn woning een bierbrouwerij kon beginnen en dat hij, tenzij er sprake zou zijn geweest van bouwomgevingsvergunningplichtige activiteiten, daarvoor geen vergunning nodig had. De advocaat of jurist had deze ondernemer in ieder geval op de (juridische) risico’s kunnen wijzen en dan had de ondernemer uiteindelijk een weloverwogen besluit kunnen nemen.

Vragen over aan huis verbonden beroep of bedrijf of de uitleg van bestemmingsplanvoorschriften? Stel ze gerust aan één de specialisten bestuursrecht van Rensen Advocaten. 

 
Mr. P.G. (Paul)
Wemmers
+31 (0)72 515 55 44
+31 (0)72 515 54 93
wemmers@rensenadvocaten.nl
Meer over Paul