Blog

Proceskostenveroordeling in hoger beroep; moet de gemeente de rekening betalen?

Proceskostenveroordeling in hoger beroep; moet de gemeente de rekening betalen?

19-04-2018

Het huidige artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat de rechter in hoger beroep verplicht is om het bestuursorgaan in de proceskosten te veroordelen als het hoger beroep gegrond is. Ook als in hoger beroep komt vast te staan dat het bestuursorgaan een rechtmatig besluit heeft genomen en de rechtbank dit besluit ten onrechte heeft vernietigd. Het bestuursorgaan betaalt voor een foutieve uitspraak van de lagere rechter! Werk aan de winkel voor de wetgever? De Raad van State meent van wel.

Deel dit artikel

Naar het overzicht

Proceskostenveroordeling in hoger beroep; moet de gemeente de rekening betalen?

 Het huidige artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat de rechter in hoger beroep verplicht is om het bestuursorgaan in de proceskosten te veroordelen als het hoger beroep gegrond is. Ook als in hoger beroep komt vast te staan dat het bestuursorgaan een rechtmatig besluit heeft genomen en de rechtbank dit besluit ten onrechte heeft vernietigd. Het bestuursorgaan betaalt voor een foutieve uitspraak van de lagere rechter! Werk aan de winkel voor de wetgever? De Raad van State meent van wel.

Nieuwe koers Raad van State ten behoeve van de rechtseenheid

In haar uitspraak van 4 april 2018 (ECLI:NL:RVS:2018:1106) vaart de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State met (kennelijke) tegenzin een nieuwe koers, en volgt zij de andere hoogste bestuursrechters als het gaat om de vraag of ten laste van het bestuursorgaan een proceskostenveroordeling moet worden uitgesproken als in hoger beroep komt vast te staan dat de rechtbank het beroep tegen het besluit van het bestuursorgaan ten onrechte gegrond heeft verklaard en het besluit van het bestuursorgaan in hoger beroep als rechtmatig wordt beoordeeld. De Afdeling volgt vanwege de rechtseenheid de andere rechters, maar geeft tegelijkertijd de wetgever een duidelijke hint. De wet zou op dit punt aangepast moeten worden.

Bezwaar, beroep, hoger beroep

Het bestuursrecht kent verschillende rechtsmiddelen. Laat ik aan de hand van een eenvoudig voorbeeld toelichten wat een belanghebbende kan doen als hij het niet eens is met een besluit van een bestuursorgaan. En wat er gebeurt als de hoogste rechter de beslissing van een lagere rechter herroept.

Henk vraagt een vergunning aan om bij zijn woning een garage te bouwen. De gemeente verleent de vergunning. Buurman Kees is het er niet mee eens, en maakt bezwaar. Hij krijgt in bezwaar géén gelijk. De vergunning blijft in stand. Buurman Kees gaat in beroep bij de rechtbank en krijgt daar wel gelijk. De rechtbank verklaart het beroep van buurman Kees gegrond en vernietigt de beslissing (op bezwaar). Henk is het daar als vergunninghouder vanzelfsprekend niet mee eens, en zijn advocaat stelt met succes hoger beroep in tegen de uitspraak van de rechtbank bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Henk krijgt in hoger beroep gelijk. De Afdeling oordeelt dat de rechtbank het beroep van buurman Kees ten onrechte gegrond heeft verklaard, vernietigt de uitspraak van de rechtbank en laat de beslissing van de gemeente in stand. Henk heeft evenwel advocaatkosten gemaakt, en vraagt daarom om een proceskostenveroordeling. Wie moet zijn advocaatkosten betalen? Het antwoord op deze vraag is: de gemeente. Sinds de uitspraak van 4 april 2018 vindt de Afdeling dat de gemeente de proceskosten van Henk moet betalen. En dat is, zo vindt de Afdeling zelf ook, toch wel raar. De gemeente heeft het uitstekend gedaan. De gemeente heeft in ieder geval een rechtmatig besluit genomen. Toch moet de gemeente de proceskosten vergoeden. Dat moet de gemeente, omdat de uitspraak van de rechtbank is vernietigd. Hoe onderbouwt de hoogste rechter deze beslissing?

Motivering
Het wordt, aldus de Afdeling en de andere hoogste bestuursrechters, niet redelijk  geacht dat een appellant die met succes hoger beroep heeft ingesteld de bij hem opgekomen proceskosten niet vergoed krijgt. Dit betekent dat in geval het hoger beroep slaagt, de kosten van dit beroep in beginsel voor risico van het bestuursorgaan komen, ook als het door het bestuursorgaan genomen besluit rechtmatig wordt bevonden. De Afdeling plaatst er wel een kanttekening bij.

Hint voor de wetgever
De Afdeling schrijft letterlijk in de uitspraak van 4 april jl. dat “artikel 8:75 van de Awb in zijn huidige vorm de hogerberoepsrechter niet de mogelijkheid geeft om in de situatie waarin de uitspraak van de rechtbank onjuist is terwijl er sprake is van een rechtmatig besluitvan het bestuursorgaan, de Staat in de proceskosten te veroordelen. Indien de wetgever het onwenselijk zou vinden dat in deze gevallen het bestuursorgaan in de proceskosten wordt veroordeeld, ligt het op diens weg de wet aan te passen”.

Hoe nu verder?
Of de wetgever dit gaat oppakken is de vraag. De Staat is verantwoordelijk voor de rechtbanken. Het gezegde luidt: “wie de ruiten breekt moet ze betalen”, maar is de Staat bereid om in de toekomst deze schadepost te dragen?

Wellicht zien gemeenten in de uitspraak van 4 april 2018 aanleiding om te lobbyen in Den Haag en aandacht te vragen voor dit probleem.

Heb je naar aanleiding van deze blog vragen of wil je meer weten over het bestuursrecht dan kun je contact opnemen met een van onze specialisten. 

 
Mr. P.G. (Paul)
Wemmers
+31 (0)72 515 55 44
+31 (0)72 515 54 93
wemmers@rensenadvocaten.nl
Meer over Paul