Blog

Toelating tot de WNSP: hardheidsclausule geldt ook voor financiële omstandigheden

Toelating tot de WNSP: hardheidsclausule geldt ook voor financiële omstandigheden

08-04-2016

Om toegelaten te worden tot de WSNP dient aan een aantal vereisten te zijn voldaan.

Deel dit artikel

Naar het overzicht

De wet schuldsanering natuurlijke personen (WSNP) biedt aan particulieren de mogelijkheid om binnen een bepaalde tijd (doorgaans drie jaar) hun schulden te saneren. Dit is vooral belangrijk voor mensen met een uitzichtloze schuldenlast. Regelmatig zijn het ondernemers die worden geconfronteerd met een dergelijke uitzichtloze schuldenlast omdat zij, voor zover het een eenmanszaak of bijvoorbeeld een VOF betreft, persoonlijk aansprakelijk zijn voor de verplichtingen van de onderneming.

Om toegelaten te worden tot de WSNP dient aan een aantal vereisten te zijn voldaan. Eén daarvan is dat de schulden te goeder trouw moeten zijn ontstaan.

Voor veel ondernemers die ten gevolge van ondernemingsactiviteiten schulden hebben is dit een probleem. De bewijslast van de te goede trouw rust op de ondernemer en regelmatig blijkt dat de rechtbank oordeelt dat de ondernemer in kwestie onvoldoende heeft aangetoond dat hij te goede trouw is ten aanzien van het ontstaan van de schulden. Een veel voorkomend struikelblok is bijvoorbeeld belastingschulden. Een overweging van de rechtbank is daarbij vaak dat de betreffende ondernemer te lang is doorgegaan met het drijven van de onderneming en eerder had moeten stoppen, zodat de schuldenlast ook beperkter zou zijn gebleven. 

In een arrest van de Hoge Raad van 20 november 2015 [i]is echter bepaald dat ook in dit soort gevallen (en dus niet alleen bij verslavings- en/of psychosociale problemen, maar ook wanneer de schulden het gevolg zijn van het drijven van een onderneming) de hardheidsclausule ex art. 288-3 Fw van toepassing kan zijn. Deze clausule komt er op neer dat wanneer de ondernemer aantoont dat hij inmiddels zijn financiële situatie onder controle heeft (bijvoorbeeld doordat hij de onderneming heeft gestaakt en hij weer werkzaam is als werknemer en verder zijn uitgavenpatroon heeft genormaliseerd en heeft aangepast aan zijn inkomen) er toelating tot de WNSP kan plaatsvinden. Dit kan dus ondanks dat de rechtbank meent dat de persoon in kwestie niet te goede trouw is ten aanzien van het laten ontstaan van de schulden. 

Dit oordeel van de hoge Raad is erg belangrijk voor met name ondernemers met schulden die zijn ontstaan door de exploitatie van de onderneming, die mogelijk tegen het oordeel aanlopen dat ze ten aanzien van het ontstaan van die schulden niet te goede trouw zijn.

 


 
Mr. M.V. (Maurits)
Vermeij
+31 (0)72 515 55 44
+31 (0)72 515 54 93
Vermeij@rensenadvocaten.nl
Meer over Maurits