Blog

AOW’ers in dienst: het wordt nóg makkelijker

AOW’ers in dienst: het wordt nóg makkelijker

11-12-2015

Werkgevers zijn vaak voorzichtig met het in dienst nemen of houden van AOW-gerechtigde werknemers. Met de wet ‘Werken na de AOW-gerechtigde leeftijd’ is het vanaf 1 januari 2016 minder risicovol gemaakt voor werkgevers om AOW-gerechtigde werknemers in dienst te nemen of houden.

Deel dit artikel

Naar het overzicht

Ouderdom komt met gebreken. Om die reden zijn werkgevers vaak voorzichtig met het in dienst nemen of houden van AOW-gerechtigde werknemers. Maar verstand komt (bij velen) ook met de jaren. Mede om die reden willen werkgevers deze mensen wel graag te werk stellen. Met de wet ‘Werken na de AOW-gerechtigde leeftijd’ is het vanaf 1 januari 2016 minder risicovol gemaakt voor werkgevers om AOW-gerechtigde werknemers in dienst te nemen of houden.

De Wet Werk en Zekerheid heeft er sinds 1 juli 2015 al voor gezorgd dat een arbeidsovereenkomst eenvoudig op of na de AOW-gerechtigde (ook wel: ‘pensioengerechtigde’) leeftijd kan worden opgezegd. Hiervoor is geen toestemming van het UWV meer nodig. De opzegging hoeft ook niet, zoals vroeger, stipt op de pensioenleeftijd zelf in te gaan, maar mag ook ná de pensioenleeftijd plaatsvinden. De opzegging om deze reden mag slechts éénmaal plaatsvinden, bij een werknemer die al voor de AOW-leeftijd in dienst was. De werkgever moet wel de opzegtermijn in acht te nemen. Deze opzegging wordt voor AOW'ers beperkt tot een maand. Bij een opzegging op of na het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd hoeft ook geen transitievergoeding te worden betaald. Dit maakt het ook aantrekkelijker om een werknemer die tegen zijn pensioengerechtigde leeftijd aan zit, in dienst te nemen.

Een arbeidsovereenkomst kan overigens nog steeds eindigen wegens het bereiken van een eerdere pensioenleeftijd dan de AOW-gerechtigde leeftijd, wanneer dat objectief gerechtvaardigd is, of wanneer dit duidelijk zo is afgesproken in de arbeidsovereenkomst.

Verder was het al mogelijk om de AOW’er na het opzeggen van de arbeidsovereenkomst wegens het bereiken van de pensioenleeftijd, opnieuw op tijdelijke basis in dienst te nemen voor maximaal 24 maanden (of drie contracten). Op die manier kan er tussentijds worden gekeken of het nog wenselijk is om de arbeidsovereenkomst te verlengen. Deze periode wordt voor de AOW-gerechtigde werknemer vanaf 1 januari 2016 nu verlengd naar 48 maanden (of zes contracten) . Het gaat dan om contracten die zijn aangegaan na de AOW-gerechtigde leeftijd. Let op: na deze keten ontstaat er (weer) een dienstverband voor onbepaalde tijd.

Wanneer er op bedrijfseconomische gronden tot ontslag moet worden overgegaan, moet een werkgever al sinds langere tijd eerst afscheid nemen van AOW’ers. De gedachte is dat jongere werknemers niet mogen worden verdrongen door oudere werknemers, die ook al gebruik kunnen maken van AOW.

Maar dan zijn we er nog niet. Er bestond nog steeds een risico dat een AOW’er die (weer) voor langere tijd in dienst zou zijn, ziek zou worden.  De werkgever zou dan gedurende maximaal 104 weken het loon moeten doorbetalen en kosten en moeite moeten nemen voor de re-integratie. Ontslag zou dan niet eenvoudig zijn. Voor een ziekte werknemer geldt namelijk gedurende 104 weken een opzegverbod. Dit houdt in dat een werknemer gedurende deze periode ófwel in het geheel niet mag worden ontslagen, ófwel dat het ontslag geen verband mag houden met de ziekte.

Hier heeft de wetgever voor AOW’ers verandering in gebracht. De wet Werken na de AOW-gerechtigde leeftijd bepaalt dat na 1 januari 2016 voor ziekte AOW’ers een kortere loondoorbetalingsverplichting geldt, namelijk van maximaal 13 weken. Ook geldt het opzegverbod bij ziekte gedurende maximaal 13 weken. Als de evaluatie van deze wet positief is, wordt deze periode verkort naar 6 weken. Tijdens ziekte geldt verder voor de werkgever geen verplichting om een plan van aanpak op te stellen of te zoeken naar passende re-integratiemogelijkheden bij een andere werkgever (‘2e spoor’).

Er geldt overgangsrecht: Als een werknemer al ziek was voor het bereiken van de AOW-leeftijd en hij blijft in dienst, dan gaat de termijn van 13 weken in op de AOW-leeftijd. Wanneer een werknemer voor 1 januari 2016 ziek was en voor 1 juli 2016 de AOW-leeftijd bereikt, heeft hij nog tot 1 juli 2016 recht op loondoorbetaling en ontslagbescherming, waarna de 13-weken periode gaat lopen. De totale ziekteperiode mag echter nooit hoger uitkomen dan 104 weken in totaal.

Overigens mag de arbeidsovereenkomst in zo’n geval wel al eerder worden opgezegd wegens het bereiken van de AOW-leeftijd, zolang dit geen verband houdt met de ziekte.

Kortom, een AOW’er kan na 1 januari 2016 langer worden ingezet op basis van tijdelijke arbeidsovereenkomsten. Ook heeft een AOW’er vanaf 2016 minder rechten bij ziekte. Hiermee lijkt voor werkgevers de laatste belemmering te zijn weggenomen om deze mensen langer te laten doorwerken. Dit is een ontwikkeling waar naar verwachting ook veel AOW’ers voordeel aan zullen beleven. Maar of die er ook zo over denken? De tijd zal het leren.

 
Mr. E.A.TH. (Esther)
Den Haan-van Wijk
+31 (0)72 515 55 44
+31 (0)72 515 54 93
denHaan-vanWijk@rensenadvocaten.nl
Meer over Esther