Blog

Verzetprocedure tegen faillissementsvonnis

Verzetprocedure tegen faillissementsvonnis

23-11-2015

Wanneer het faillissement van een schuldenaar door een schuldeiser wordt aangevraagd, wordt de schuldenaar opgeroepen voor een behandeling van het verzoek ter zitting bij de rechtbank.

Deel dit artikel

Naar het overzicht

De schuldenaar heeft dan de mogelijkheid om verweer te voeren. Het kan echter zo zijn dat de schuldenaar niet op de zitting verschijnt, hoewel hij daartoe wel deugdelijk is opgeroepen. Als het faillissementsrekest aan de formele vereisten voldoet zal de schuldenaar dan bij verstek - dus zonder te zijn gehoord - failliet worden verklaard.

De Faillissementswet biedt de failliet dan de mogelijkheid om binnen 14 dagen in ‘verzet’ te gaan tegen het faillissementsvonnis. Bij de behandeling van dat verzet was het toetsingskader of de schuldenaar was opgehouden te betalen. Deze toestand kon ook volgen uit het feit dat andere schuldeisers dan de aanvrager van het faillissement hun vorderingen bij de curator indienden. Dit was voor de schuldenaar vaak een groot probleem omdat het faillissement wordt gepubliceerd en schuldeisers, zeker grotere instellingen en ondernemingen, de faillissementsuitspraken bijhouden en hun vorderingen bij het kennisnemen van het faillissement indienen bij de curator. Als de schuldenaar met de verzetprocedure wilde aantonen dat hij niet was opgehouden te betalen, moest hij dan ook kunnen laten zien dat hij voldoende middelen had om zijn andere schuldeisers te kunnen voldoen. Dit terwijl hij om het uitspreken van het faillissement te voorkomen alleen de aanvrager hoefde te betalen.

De aanzuigende werking van het faillissement op de schuldeisers zorgde ervoor dat veel verzetprocedures werden afgewezen, ondanks dat de failliet op zich wel instaat en bereid was om de aanvrager van het faillissement te betalen, maar niet al zijn in het faillissement opgekomen schuldeisers kon voldoen.

Met het arrest van de Hoge Raad van 5 juni 2015 (ECLI:NL:HR:2015:1473) *1) is aan deze praktijk een einde gekomen. Het formele toetsingskader is nu de situatie zoals die was op het moment van de aanvraag van het faillissement. Dit komt er eigenlijk op neer dat een verzetprocedure al kans van slagen heeft indien de failliet de aanvrager van het faillissement kan betalen. In de praktijk zal overigens ook de curator willen zien dat zijn salaris met betrekking tot de afwikkeling van het faillissement betaald wordt. Overigens doet de failliet er wel goed aan om nog steeds zoveel mogelijk aan te tonen dat hij niet is opgehouden te betalen en dat er met betrekking tot  zijn onderneming of financiële huishouding zicht is op continuïteit.

De uitspraak van de Hoge Raad maakt een verzetprocedure in ieder geval wel een stuk kansrijker.

[1] Hoge Raad van 5 juni 2015 (ECLI:NL:HR:2015:1473)



 
Mr. M.V. (Maurits)
Vermeij
+31 (0)72 515 55 44
+31 (0)72 515 54 93
Vermeij@rensenadvocaten.nl
Meer over Maurits