Blog

Levert méér werk ook meerwerk op?

Levert méér werk ook meerwerk op?

17-04-2015

Tussen aannemer en opdrachtgever ontstaan regelmatig discussies over meerwerk. Deze discussies kunnen leiden tot procedures en vertraging van het werk. Het is in het belang van zowel aannemer, als opdrachtgever om deze discussie niet uit de weg te gaan, maar de discussie direct aan te gaan zodra daar aanleiding voor is.

Deel dit artikel

Naar het overzicht

"Meerwerk kan worden omschreven als een verrichting van de aannemer die uitgaat boven zijn verplichting om het in het bestek omschreven werk uit te voeren, zodat de aannemer voor het doen van deze verrichting recht heeft op bijbetaling boven de overeengekomen aannemingssom" (RvA, 14 juli 1999, nr. 21.097).

Wat onder meerwerk verstaan moet worden is door de Raad van Arbitrage voor de Bouw (RvA) meer dan eens omschreven en lijkt daarmee wel duidelijk. Toch gaan veel discussies tussen opdrachtgevers en aannemers over meerwerk. Aannemers maken aanspraak op aanvullende betaling en opdrachtgevers zijn niet bereid extra te betalen. Als het tot een geschil over meerwerk (en/of minderwerk) komt, wordt er vaak geprocedeerd over een veelheid aan posten. Sommige posten zijn groot, andere posten zijn klein. Procederen over veel meerwerk posten duurt doorgaans lang en is kostbaar. Iedere post moet afzonderlijk beoordeeld worden. Er kunnen meerdere redenen bestaan waarom het tot een geschil komt. Ik beperk mij tot het behandelen van een aantal hoofdlijnen.

De verhouding tussen aannemer en opdrachtgever wordt geregeld in de wet, maar blijkt ook uit de overeenkomst tussen partijen en (vaak) uit algemene voorwaarden. De wet en de meest gangbare algemene voorwaarden hebben met elkaar gemeen dat aannemer opdrachtgever tijdig (schriftelijk) moet wijzen op een prijsverhoging. In een ideale situatie krijgt aannemer van opdrachtgever een schriftelijke opdracht voor het meerwerk en bestaat overeenstemming over de prijs voor dat meerwerk.

Vaak is het lastig om tijdens het werk iedere post meerwerk schriftelijk vast te leggen. Er moet immers gewoon doorgewerkt worden. Administratieve handelingen leiden af van het werk en vertraging in het werk wordt niet geaccepteerd. Als een opdrachtgever strikt de hand houdt aan de schriftelijke vastlegging van meerwerk, loopt aannemer in dit soort gevallen een groot risico dat hij voor het meerwerk onbetaald wordt gelaten. Opdrachtgever moet dan wel consequent zijn in zijn opstelling. Als hij andere meerwerkposten waar ook geen schriftelijke opdracht voor is verstrekt wel accepteert, kan hij niet langer meerwerk weigeren om de enkele reden dat het ontbreekt aan een schriftelijke opdracht en akkoord op de prijs. Als wel duidelijk is dat er sprake is van meerwerk, maar partijen het niet eens worden over de prijs, zal uiteindelijk de RvA bepalen wat een redelijke prijs is voor het meerwerk.

Wat als opdrachtgever niet akkoord gaat met meerwerk?

Geregeld sta ik aannemers bij die wel (schriftelijk) melden dat iets meerwerk is, maar vervolgens van hun opdrachtgever geen opdracht krijgen en/of geen akkoord op de prijs. Hoe moeten zij daar mee omgaan? Opdrachtgevers vinden vaak dat het gewoon bij het aangenomen werk hoort en verwijzen daarbij naar tekeningen of naar bepalingen uit het bestek. Zo worden in de overeenkomst of in het bestek nogal eens bepalingen opgenomen die betaling van meerwerk pogen uit te sluiten. Denk bijvoorbeeld aan een bepaling als de volgende:

“Het gehele werk zal zonder enige bijbetaling geheel gereed worden uitgevoerd(..)”.

Of:

“Van het werk volgens dit bestek heeft geen verrekening plaats. De aannemer moet het geheel volledig opleveren, zonder bijbetaling voor die delen, welke niet mochten zijn omschreven, maar kennelijk tot het werk behoren.”

Arbiters oordeelden over deze bepalingen dat meerwerk wel moest worden verrekend. Zij doen dat door de omschrijving van het werk in het bestek nauwkeurig te beoordelen. Valt iets binnen de omschrijving, dan vindt geen verrekening plaats. Als echter werk wordt opgedragen dat niet in het bestek is beschreven, of niet daaruit voortvloeit, behoort het wel te worden verrekend. De geciteerde bepalingen hebben immers enkel betrekking op “het werk”  zoals dat uit het bestek blijkt. Als partijen al tijdens de bouw een geschil krijgen over meerwerk, kan aannemer er voor kiezen het werk neer te leggen. Als niet helemaal zeker is of het daadwerkelijk meerwerk is, is het niet zonder risico om het werk neer te leggen. Vaak staat in de overeenkomst een contractuele bouwtijd, gekoppeld aan een boetebepaling. Als aannemer zijn werk opschort, is het zeer waarschijnlijk dat de contractuele bouwtijd wordt overschreden. Als een arbiter vervolgens oordeelt dat het geen meerwerk was (of dat het meerwerk van slechts zeer geringe omvang was), zal opdrachtgever aanspraak maken op betaling van de contractuele boete. Aannemer kan in dat geval beter doorwerken, maar doet er wel goed aan schriftelijk te bevestigen dat hij aanspraak maakt op verrekening van meerwerk. De discussie over het meerwerk wordt dan uitgesteld tot na oplevering van het werk.

Geeft meerwerk aannemer recht op extra bouwtijd?

Afhankelijk van de toepasselijke algemene voorwaarden factureert aannemer het meerwerk meteen nadat het gereed is, of bij de eindafrekening. Er kan dan verrekening van meer- en minderwerk plaatsvinden. Aannemer moet zich er ook van bewust zijn dat meerwerk soms recht geeft op extra bouwtijd. Doorgaans is dat het geval als het meer werk meer dan 10% van de aanneemsom bedraagt.

Vroegtijdige openheid van zaken kan problemen voorkomen

Er bestaat geen duidelijk stappenplan om geschillen over meerwerk te voorkomen. Wel is het in het belang van zowel aannemer als opdrachtgever dat zo spoedig als mogelijk duidelijkheid ontstaat. Ga de discussie niet uit de weg, maar leg meteen op tafel wat er speelt. Opdrachtgever heeft er belang bij zo vroeg als mogelijk te weten hoe de bouw verloopt. Zo kan hij misschien nog sturen op het ontwerp om een besparing te zoeken. Aannemer wil zekerheid en is niet uit op een procedure. Hij wil niet het risico lopen dat hij aan het eind van de rit zijn meerwerk niet betaald krijgt. De opgedragen toevoeging is dan wel méér werk, maar geen meerwerk.

 
Mr. K. (Kasper)
Straathof
+31 (0)72 515 55 44
+31 (0)72 515 54 93
Straathof@rensenadvocaten.nl
Meer over Kasper