Blog

Moeten grootouders meer rechten krijgen ten aanzien van het contact met hun kleinkinderen?

Moeten grootouders meer rechten krijgen ten aanzien van het contact met hun kleinkinderen?

12-03-2015

Het CDA is van mening dat grootouders deze rechten moeten krijgen. Kamerleden Peter Oskam en Mona Keijzer hebben daartoe onlangs een initiatiefnota geschreven.

Deel dit artikel

Naar het overzicht

Contact tussen kleinkinderen en grootouders

Met name in de huidige tijd van dure kinderopvang, is er een groot aantal opa’s en oma’s dat wekelijks op hun kleinkinderen past. Het oppassen door grootouders heeft veel voordelen: het stelt ouders in staat te werken, de kinderen zijn in een vertrouwde omgeving en de kinderen en grootouders ervaren het contact met elkaar als plezierig. Grootouders blijken overigens ook op een andere manier goed te zijn voor het welzijn van de kleinkinderen. Kinderen hebben minder emotionele en gedragsproblemen wanneer hun opa en oma een grote rol spelen in hun leven. Elk jaar stranden echter ongeveer 33.000 huwelijken in Nederland. Onderzoek heeft uitgewezen dat 12 procent van de grootouders hun kleinkinderen daarna niet meer ziet, bijvoorbeeld omdat ouders verhuizen, maar ook omdat één ouder soms bewust het contact met de ex-schoonouders frustreert. Daarnaast zijn er situaties waarin kinderen hun eigen ouders verbieden contact te hebben met de kleinkinderen ook zonder dat sprake is van een echtscheidingssituatie.

Huidige juridische situatie

Nu komen opa's en oma's niet of nauwelijks in aanmerking voor een omgangsregeling. Zij moeten eerst  aantonen dat zij een nauwe persoonlijke band hebben met hun kleinkind. Uit rechtspraak blijkt dat een dergelijke nauwe persoonlijke band niet snel wordt aangenomen. Soms wordt de nauwe betrekking wel aangenomen, maar wordt geoordeeld dat omgang niet in het belang van de kinderen is. Opa’s en oma’s blijken meer te moeten zijn dan alleen maar de grootouders waar de kinderen zo nu en dan op visite komen. Er moet sprake zijn van bijzondere omstandigheden, zoals bijvoorbeeld het overlijden van één van de ouders (waardoor contact verloren is gegaan) of het feit dat grootouders een substantiële rol hebben gespeeld in de opvoeding van de kinderen.

Wat beoogt de initiatiefnota?

Het CDA wil dat de nauwe persoonlijke betrekking als voorwaarde voor een omgangsregeling geschrapt wordt. Volgens de initiatiefnota moet het voor grootouders mogelijk zijn bij de rechter een omgangsregeling aan te vragen puur op basis van de aanwezige bloedband. Dat is nu ook al zo in België en Duitsland. Een omgangsregeling voor grootouders kan dan alleen worden afgewezen als het niet in het belang van het kind is. Ook wil het CDA dat het recht op contact en informatie expliciet in de wet wordt opgenomen.

Goede regeling?

De VVD en D66 zijn positief over het wetsvoorstel, maar zij zien wel praktische bezwaren. Andere partijen lijken niet enthousiast. Of het tot een wetsvoorstel en uiteindelijk tot een wetswijziging leidt, valt dan ook te betwijfelen. Feit is echter wel dat het belangrijk is dat kleinkinderen een band hebben met hun grootouders. Of dat puur op basis van een bloedband zou moeten valt naar mijn mening te betwijfelen, maar dat er meer waarde moet worden toegekend aan de nauwe persoonlijke betrekking tussen kinderen en hun grootouders is in mijn omgeving een breed gedragen opvatting.

Wilt u meer informatie over het recht op contact met uw (klein)kinderen? Of heeft u een andere vraag over het familierecht? Neemt u gerust contact met mij op.

 
Mr. M.J. (Mirte)
van Lingen
+31 (0)72 515 55 44
+31 (0)72 515 54 93
vanLingen@rensenadvocaten.nl
Meer over Mirte